De 5 opvallendste punten uit het Klimaatakkoord voor de gebouwde omgeving

Bijgewerkt: jun 14

Volg Transitiepaden nu ook op LinkedIn en ontvang regelmatig inspirerende artikelen en berichten.

Een aantal maanden na de eerste versie van het Nederlandse Klimaatakkoord en een aantal jaar na het akkoord in Parijs is het zover: Het kabinet presenteerde afgelopen vrijdag het nieuwe Nederlandse Klimaatakkoord. Ten opzichte van wat de Klimaattafels in 2018-2019 hebben bedacht zijn er een aantal belangrijke wijzigingen doorgevoerd die noodzakelijk waren. In de afgelopen periode toonden de coalitiepartijen weinig 'feeling' met het sentiment in de samenleving. Burgers zagen de klimaatvoorstellen als bedreigend, de rekening kwam niet terecht bij de grote vervuilers en toen viel ook nog eens de energierekening 300 euro hoger uit.


Het waren precies deze politiek onhandige bewegingen die het draagvlak onder het akkoord hebben doen afnemen van circa 73% bij de lancering van het eerste akkoord tot net onder 50% rond de verkiezingen voor de provinciale staten en daarmee indirect de Eerste Kamer. De gevolgen daarvan werden met de uitslagen van deze verkiezingen meer dan helder. Ik merkte het ook in mijn omgeving, ik ben ontelbaar keer aangesproken met: ‘Sven, ik vind ook dat we wat aan het klimaat moeten doen, maar dit gaat toch veel te hard en te ver?’. Deze storm lijkt nu gaan liggen. In de woorden van Minister Wiebes bij de lancering van het nieuwe Klimaatakkoord:

‘’Het akkoord is ambitieuzer dan we hadden gedacht, maar ook aanzienlijk goedkoper dan we een jaar geleden nog dachten en het is voor de mensen betaalbaarder dan we in december nog dachten – We nemen een voortrekkersrol in de transitie en we gaan iedereen verleiden om mee te doen.’’

Eerlijk, haalbaar en betaalbaar zijn de kernbegrippen aldus minister Wiebes. Nou goed, daar kan ik in gesprekken met professionals en vrienden wel wat mee, maar wat zijn dan die maatregelen die we mogen verwachten? In dit artikel beschrijf ik de 5 belangrijkste punten uit het Klimaatakkoord voor de gebouwde omgeving en plaats ik daar links en rechts mijn commentaar bij. Ik benoem daar bewust niet de maatregelen die eigenlijk onveranderd zijn gebleven zoals bijvoorbeeld: De wijkgerichte aanpak, de regierol voor de gemeenten en het uitfaseren van aardgas.


1. De energierekening voor huishoudens daalt in 2020 en stijgt daarna geleidelijk

De belasting op de energierekening van huishoudens gaat volgend jaar (2020) met 100 euro omlaag. Dit is een direct gevolg van de fout die een aantal maanden eerder werd gemaakt en de energierekening meer dan 300 euro steeg. Een deel van de kosten worden nu betaald door de industrie die in haar energierekening o.a. meer ODE (Opslag Duurzame Energie) gaat betalen. Vanuit deze inkomsten worden subsidies zoals de SDE++ betaald. 


Een interessante stap, alleen blijft de trend van stijgende energielasten vanaf 2021 doorzetten. Dit heeft te maken met voorgenomen stapsgewijze verhoging van de belasting op aardgas. Deze maatregel wordt gecombineerd met een lagere belasting op elektriciteit zodat het dubbel zo interessant wordt om het gas uit de woning te halen ten gunste van bijvoorbeeld een warmtepomp. Alleen zolang de meeste mensen nog voornamelijk gas gebruiken om hun huis te verwarmen zal dit zeker een stijging van de lasten met zich meebrengen.


Zoals ik al in eerdere artikelen aangaf hebben we in Nederland jarenlang gebruik kunnen maken van goedkope energie. Die tijd is voorbij en de prijzen zijn t.o.v. bijvoorbeeld 2014 al flink gestegen. Toen betaalden we voor gas dezelfde prijs als in Roemenië. Dit roept bij mij de vraag op: wanneer klikken we die woonlastenneutraliteit vast? Doen we dat met prijzen van 2014, 2019 of 2024? Het is namelijk gemakkelijk om een business case te maken voor aardgasvrij als we uitgaan van een sterk gestegen aardgasprijs in 2024, maar of dat betaalbaar is voor Nederlanders, dat is een tweede.


2. Woonlastenneutraal hangt samen met draagvlak en betaalbaarheid

Een belangrijk punt voor de gebouwde omgeving is de betaalbaarheid van maatregelen, zoals aardgasvrij. In de kamerbrief over het Klimaatakkoord komt het woord ‘woonlastenneutraal’ dan ook vier keer voor. Kostenreducties van 20% tot 40% zijn hierbij noodzakelijk om de transitie betaalbaar te houden. Aanvullend zijn subsidies, leningen en aanpassingen in de energiebelasting noodzakelijk om uiteindelijk op woonlastenneutraal voor huishoudens uit te komen.

In dezelfde kamerbrief wordt gesproken over de noodzaak van draagvlak voor de transitie. Vandaar zijn zorgvuldige wijkaanpakken met ondersteuning van huiseigenaren noodzakelijk met de mogelijkheid de investeringen terug te verdienen. Een van de concrete acties die het Kabinet onderneemt is de oprichting van een warmtefonds waar jaarlijks 50 tot 80 miljoen voor uitgetrokken wordt. Dit warmtefonds stelt particulieren dan in staat geld te lenen voor de duurzame investeringen. Waarschijnlijk blijven tot aan 2030 subsidieregelingen en leningen beschikbaar, waaronder mogelijk in aangepaste vorm de ISDE regeling.


Het zijn niet deze steunmiddelen, maar de 'belofte' van woonlastenneutraal waar ik mijn vraagtekens bij zet. Zoals ik al aangaf, woonlastenneutraal ten opzichte van 2014 of de energiekosten van 2024? Daarbij komt dat ik de rekensom pure utopie vind. 100% duurzaam + 100% comfort + 100% betaalbaar ≠ 100% haalbaar. Bij alle eerdere energietransities, zoals die op aardgas, gingen ook de kosten omhoog en moesten mensen zelf betalen voor hun nieuwe apparatuur. Daarvoor kreeg men meer comfort en gadgets in de keuken terug. Dit was toen een deal waar mensen ook graag meer voor wilde betalen. Mijn vermoedde is dat we nog terug gaan komen op de woonlastenneutrale focus.


3. Woningcorporaties zijn als startmotor onmisbaar, maar is er genoeg brandstof?

Woningcorporaties hebben 30% van de woningen in Nederland in bezit. Met hun professionele en sociale bril op zijn zij dan ook de ideale partner om te energietransitie in de (bestaande) gebouwde omgeving op gang te brengen. Zonder de massa van de corporaties zijn die kostenreducties van 20% tot 40% utopie. De ambities van de Rijksoverheid liegen er niet om, 30.000 tot 50.000 woningen per jaar van het aardgas af voor het eind van deze kabinetsperiode, toenemende noodzaak samen te werken in wijkaanpakken, meer nieuwbouw en oja, het liefst woonlastenneutraal.


De woningcorporaties zijn op dit moment een startmotor zonder brandstof. Met grote regionale verschillen (West Nederland, vooral de randstad kent vooral ‘arme’ corporaties) en sterk toegenomen lastendruk door de verhuurderheffing, ATAD en vennootschapsbelasting lijken extra middelen en afspraken noodzakelijk. Dan hebben we het nog niet eens over de toegenomen leefbaarheidsvragen en nieuwbouwopgave.

De komende periode gaat uitwijzen of er extra middelen beschikbaar komen voor de startmotor. Aedes en de Rijksoverheid voeren op dit moment een onderzoek uit naar de haalbaarheid van de opgave op lange termijn. Dit komt voort uit een motie die in 2018 is aangenomen. Met verschillende scenario’s wordt gekeken naar deze ontwikkelingen met de vraag of de corporaties dan wel genoeg middelen hebben. Het mag duidelijk zijn dat de corporatiesector al met een schuin oog kijkt naar de verhuurdersheffing.


4. Miljoen woningen worden verplicht geïsoleerd

In een eerder artikel heb ik al uitgebreid geschreven over de voornemens van de Rijksoverheid om te komen tot een nieuwe ‘standaard’ kwaliteit voor alle bestaande woningen. Nu genoemd de Standaard en Streefwaarden. Deze standaard is noodzakelijk om opschaling van de verduurzaming van woningen handen en voeten te geven en te komen tot effectievere financiering. Banken willen immers weten wat voor ‘onderpand’ ze krijgen bij het lenen van geld.

Vanuit de gemeente Rotterdam heb ik een jaar geleden al een onderzoek opgezet dat keek naar de mogelijke minimale kwaliteitseisen per type woning. In dit artikel is daar meer over te lezen. De landelijke norm wordt op dit moment onderzocht aan de hand van 16 woningtypen waar rekening gehouden wordt met: het type woningen, bouwjaar en verschillende verduurzamingsstrategieën.

Ik verwacht op dit punt echter nog een flinke strijd. De norm zal op termijn verplicht worden voor de verhuursector en spreekt automatisch flinke verwachtingen uit over de woningvoorraad. Bovendien heb ik begrepen dat er geen rekening gehouden zal worden met het type warmtebron en de temperatuur. Kortom, alle RES’sen en gemeenten die zich rijk rekenen met hoge temperatuur warmte en daardoor ‘minder hoeven te isoleren’, jullie zijn gewaarschuwd. De huidige nieuwbouwnormen kunnen zomaar als ondergrens gebruikt worden voor de gehele woningvoorraad. Dit zou een bom leggen onder een hoop verduurzamingsplannen en heeft kapitaalvernietiging tot gevolg.


5. Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) zijn de grote vergeten groep

Als ik zoek in het Klimaatakkoord naar maatregelen en projecten met VvE’s krijg ik weinig nieuwe informatie. VvE’s mogen ook meedoen in het warmtefonds en de mogelijkheden voor financiering van kleinere VvE’s (6-10 appartementen) worden onderzocht. Dat klinkt allemaal mooi, alleen VvE’s zijn niet dezelfde diersoort als de individuele particulier. VvE’s zijn verenigingen waar soms woningcorporaties maar ook beleggers in vertegenwoordigd zijn. Het zijn uiteindelijk niet de particulieren die beslissen, maar het zijn de verenigingen en dit geeft een hele andere dynamiek.

Steden zoals Rotterdam, Amsterdam, Den Haag en Utrecht zijn VvE steden. In deze steden kan je beter stoppen met de energietransitie als je geen antwoorden hebt op de vragen die deze verenigingen hebben. Bovendien speelt er hele andere problematiek: versnipperd eigendom. Leuk een bouwblok van 40 woningen, maar daar zitten bijvoorbeeld 8 Verenigingen van Eigenaren in. Het is dit versnipperde eigendom en de bijbehorende beslissingsbevoegdheid die zaken als ‘aardgasvrij’ nagenoeg onmogelijk maken.


Als ik een oproep zou mogen doen voor een aanvulling in het Klimaatakkoord zou het zijn dat we meer aandacht moeten hebben voor de kleinere VvE’s (<6 appartementen), de noodzaak deze kleinere verenigingen te bundelen tot logische verenigingen op bouwblok en betere samenwerking met de beheerders van deze clubs. De afgelopen jaren zijn al meerdere artikelen verschenen over deze 'koepel VvE aanpak en steden als Rotterdam experimenteren hiermee.


Conclusies en nabranders

Terwijl ik dit stuk schrijf op zaterdagmiddag is het 32 graden buiten en besef ik me maar al te goed dat voor veel mensen dit Klimaatakkoord het laatste is waar ze aan denken. Terecht denk ik ook, als ik me moet bemoeien met alle zaken die in onze maatschappij rondzingen dan hou ik al helemaal geen zaterdagen meer over. Voor veel mensen is dit nieuwe informatie waar ze mee geconfronteerd worden als de gemeente bijvoorbeeld aan een wijkaanpak begint, de corporatie renoveert of de energierekening op de mat valt. Dit stukje inlevingsvermogen is bij de vervolgstappen van het Klimaatakkoord misschien nog wel het allerbelangrijkst. 


Regelmatig nieuwe artikelen over de energietransitie lezen? Bekijk dan mijn website: https://www.transitiepaden.nl/blogs


Of volg mijn pagina op LinkedIn: https://www.linkedin.com/company/transitiepaden/

54 keer bekeken

© 2020 By Transitiepaden

  • LinkedIn